Taboes bespreken onder allochtone doelgroepen

Inleiding

Het taboe op praten over huiselijk en seksueel geweld en homoseksualiteit is onder allochtonen groter dan onder de meeste autochtonen. Er is vaak geen traditie van open en eerlijk met elkaar praten over problemen.  Ouders en jongeren lijden onder de rollen en gedragingen die er door het complex van eer en schande van ze verwacht worden.  Mensen willen de problemen graag oplossen, maar durven en kunnen dit vaak niet. Met name vrouwen en meisjes die het slachtoffer zijn van geweld en jongeren, die worstelen met hun homoseksuele gevoelens durven vaak niet over hun ervaringen te spreken. Uit angst de familie-eer te schaden, dragen zij hun geheimen in eenzaamheid en lijden in stilte, met alle gevolgen van dien.

Begin 2003 presenteerde het Ministerie van Justitie een onderzoek van Intomart naar huiselijk geweld onder Surinamers, Antillianen en Arubanen, Marokkanen en Turken in Nederland. Het onderzoeksverslag bevestigde dat het taboe op praten over huiselijk geweld bij deze groepen relatief groot is. Forum besloot daarom een project te starten om huiselijk geweld bespreekbaar te maken in allochtone kring. Zo kwam de methodiek “Taboes bespreken” tot stand. De organisatie heeft de methodiek overgedragen aan andere organisaties, waaronder  het toenmalige Multicultureel Instituut Utrecht (MIU) en later Alleato. Deze methodiek is ook toepasbaar op het bespreekbaar maken van het onderwerp homoseksualiteit. In een andere blog “homoseksualiteit bespreekbaar maken onder doelgroepen met een moslimachtergrond en onder jongeren op scholen”ga ik hier uitgebreid op in.

In dit artikel zal ik me beperken tot het bespreekbaar maken van de onderwerpen: huiselijk en seksueel geweld onder Turkse, Marokkaanse en Hindostaanse doelgroepen. Ik zal toelichten hoe in de periode van 2005 tot en met 2007 deze methodiek is toegepast bij Turkse, Marokkaanse en Hindostaanse doelgroepen in de provincie Utrecht.

Taboes bespreken

Bij het MIU en later Alleato heb ik onder andere een project “Taboes bespreken” opgezet, uitgevoerd en gecoördineerd gericht op het bespreekbaar maken van huiselijk en seksueel geweld onder Turkse, Marokkaanse en Hindostaanse doelgroepen.

Voor dit project heb ik 15 sleutelfiguren uit de Turkse, Marokkaanse en Hindostaanse gemeenschappen geworven en laten opleiden tot gespreksleiders van taboe bijeenkomsten voor hun achterban (1). De sleutelfiguren zijn opgeleid door een ervaren trainer van Forum. Na de training zijn de gespreksleiders ingezet op taboe bijeenkomsten voor hun achterban. De aanpak was om zo veel mogelijk aan te sluiten bij bestaande vrouwen- en mannengroepen, die al bij elkaar kwamen voor thee/koffie ochtenden, Nederlandse taalles, kookcursussen, sporten, opvoedingsondersteuning enzovoorts. Het vertrouwelijk karakter van de bijeenkomsten zou hierdoor bevorderd worden omdat de groep elkaar al kent. Vrouwelijke gespreksleiders zijn ingezet op vrouwengroepen en mannelijke gespreksleiders op mannengroepen. De deelnemers durven meer te vertellen dan in een gemengde groep. In gemengde groepen is men bang voor roddel en sociale controle. De gespreksleiders, die ingezet werden, hadden dezelfde afkomst als hun achterban. Dit om het vertrouwen van de groep te bevorderen en om de deelnemers de mogelijkheid te kunnen bieden om in hun eigen taal over deze gevoelige onderwerpen te kunnen spreken. (2) Vernieuwend aan het project was dat een aantal gespreksleiders opgeleid is tot vertrouwenspersonen voor de doelgroep. Vertrouwenpersonen zijn sleutelfiguren die een hulpverleningsachtergrond hebben en die de vrouwen opvangen, die te maken hebben of hebben gehad met huiselijk geweld. De bedoeling was dat deze deelnemers na afloop van de bijeenkomst door de vertrouwenspersonen apart werden gevraagd om met hen te spreken, zodat zij hun verhaal kwijt konden. In twee gesprekken van een uur werd hun verhaal in kaart gebracht en werd – indien de situatie ernstig was – met instemming van de deelnemer, doorverwezen naar de geëigende instanties. Dit om ervoor te zorgen dat alle deelnemers aan bod konden komen  in de bijeenkomst en dat de bijeenkomst niet werd opgehouden door het verhaal van één deelnemer.  De vertrouwenspersonen zijn opgeleid door het toenmalige Transact (later ondergebracht bij Movisie). De gespreksleiders werden in tweetallen ingezet op de groep. In de meeste gevallen een gespreksleider en een vertrouwenspersoon. De gespreksleider die de bijeenkomst en de discussie leidde en de vertrouwenspersoon die de signalen van vrouwen, die te maken hadden met geweld, opving en de gespreksleider waar nodig aanvulde.

Er is een cyclus van drie bijeenkomsten gegeven, met een tussenpoos van een week. De eerste bijeenkomst was bedoeld om een veilige setting te creëren en er werd uitleg gegeven over de onderwerpen die in de verschillende bijeenkomsten aan de orde  zouden komen. Een veilige setting werd ook gecreëerd door bij aanvang van de bijeenkomst veel tijd te investeren in het gezellig maken door bijvoorbeeld de gelegenheid te geven om eerst een Turkse of Marokkaanse of Hindostaanse maaltijd (afhankelijk van de samenstelling van de groep) te nuttigen of  door Turkse, Marokkaanse of Hindostaanse koekjes mee te nemen. De tweede bijeenkomst ging over het thema huiselijk geweld en de verschillende vormen daarvan. (3) De derde bijeenkomst ging over het thema seksueel geweld.

Werving van groepen

De werving van groepen verliep via vrouwencentra, welzijnsinstellingen, moeder-kindcentra, buurthuizen, moskeeën, zelforganisaties en imams. Om de bijeenkomsten toegankelijk te maken voor sommige vrouwengroepen en zeker ook voor mannengroepen werden andere ingangen gebruikt om het onderwerp huiselijk geweld bespreekbaar te maken. Zo werd niet het onderwerp  “huiselijk geweld” genoemd om te bespreken, maar bijvoorbeeld “het opvoeden van kinderen”.  De gedachte hierachter is dat door het onderwerp “opvoeden van kinderen” te bespreken men vanzelf op het onderwerp “huiselijk en seksueel geweld” komt door bijvoorbeeld het onderwerp “het geven van een tik aan kinderen, is dat normaal?” te bespreken. Door dit onderwerp te bespreken kan geleidelijk overgegaan worden over hoe een man en een vrouw in een relatie met elkaar omgaan en of daar geweld bij komt kijken.

Resultaten

Er zijn in totaal 70 bijeenkomsten voor vrouwengroepen gegeven en 40 voor mannengroepen. Bij aanvang van het project dacht ik dat het bespreekbaar maken van deze onderwerpen heel gevoelig zou liggen en moeizaam zou verlopen onder de Marokkaanse en Turkse gemeenschap en wat minder onder de Hindostaanse gemeenschap. Tot mijn verbazing bleek dat als er een veilige setting gecreëerd werd de Marokkaanse vrouwen, maar ook de Marokkaanse mannen vrij open waren om over deze onderwerpen te spreken. En dat de Turkse gemeenschap wat meer gesloten is dan  de Marokkaanse gemeenschap.  In tegenstelling tot wat ik eerder dacht,  bleek dat  de  Hindostaanse gemeenschap vrij gesloten is om over dit onderwerp te spreken. (4) Het was dan ook lastig om bij de Hindostaanse gemeenschap vrouwen- en mannengroepen bij elkaar te krijgen om over dit onderwerp te praten.  Bij alle groepen ging het in de eerste bijeenkomst vaak over een buurvrouw of een ver familielid, waarbij geweld plaatsvond. In de tweede en derde bijeenkomst voelden de deelnemers zich veiliger en vrijer en hadden het dan vaak ook over hun eigen ervaringen met dit onderwerp.

Noten:

  1. Sleutelfiguren zijn personen uit de gemeenschap die een bepaald aanzien en status hebben verworven door hun verdiensten voor hun achterban. Van hen worden bepaalde zaken eerder aangenomen dan van “witte” personen en instellingen. Sleutelfiguren zijn professionals die in het dagelijks leven een beroep uitoefenen, zoals bijvoorbeeld: maatschappelijk werker of preventiemedewerker in bijvoorbeeld de GGZ en opbouwwerker in de welzijnssector.
  2. Vaak wordt overgegaan in de eigen taal bij het uiten van gevoelens.
  3. Het gaat dan om de volgende vormen van geweld: fysiek, psychisch, seksueel en financieel.
  4. Mede door de geslotenheid van deze gemeenschap komt zelfdoding onder Hindoestaanse meisjes heel vaak voor.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *